Whiskyproevers uit Alkmaar

Ben Nevis Club op Whiskytrip

In de ruim zeventien jaar dat de Ben Nevis Club nu bestaat, hebben natuurlijk meerdere leden al eens individueel, of met een paar samen, onderzocht waar ons meest geliefde drankje nu precies vandaan komt. Maar nog nooit was het ervan gekomen dat liefst DERTIG personen samen georganiseerd de plas overgingen. Sommige leden hadden hun partner mee en in totaal kwamen we op 22 mannen en acht vrouwen. De regie van de hele expeditie was in handen van de initiatiefnemer Karel, terzijde gestaan door Robert en we hadden nooit een betere kunnen treffen.

Op vrijdag 25 mei vertrok één ‘materiaalwagen’ en drie busjes vanaf het centraal Station van Alkmaar om bij de boot van IJmuiden in te checken. Prachtig weer en de veerboot van DFDS lag al op ons te wachten. Bij aankomst aan boord werden de hutten verkend, de bars en hotels onderzocht op geschiktheid en om van 20.00 tot 23.00 uur hadden we een eigen ruimte voor een bijzondere whiskyproeverij. Ieder had in de weken tevoren op last van Karel 3 flesjes van 10 cc moeten vullen. Karel had de gevulde en genummerde proefglaasjes mee en in 5 groepen van zes personen werd geroken, gekeken, blind geproefd en goed of mis geraden. Overigens wist zich ook nog een BNC verstekeling  bij het gezelschap te voegen. Het bleef na de proeverij voor de meesten nog een uurtje gezellig.

Na een voorspoedige overtocht met de Oostenwind in de rug over een rustige zee, arriveerde de boot op zaterdag 26 mei in Newcastle. Door het mooie Noorden van Engeland, waar Robin Hood de bossen veilig c.q. onveilig maakte, kwamen we op de grensberg waar een nepSchot met een kilt aan probeerde ons geld af te troggelen of zelfs CD’s te slijten. Hij speelde op een doedelzak rock around de clock. Zijn ‘optreden’ ontlokte niemand van ons enige neiging om de knip te trekken. Onze chauffeurs (die de hele trip op voorbeeldige wijze de BOB waren) brachten ons via Jedburg (plas en lunchpauze) naar de Tullibardine Distillery. We kregen daar een zeer deskundige rondleiding, in twee groepen,  die natuurlijk besloten werd met het proeven van enige highlights. Daarna werd de reis door het zonnige en warme Schotland (waarom zijn Schotten niet veel bruineer, met dat weer???) vervolgd naar Pitlochry. Wat een gezellig, leuk en vooral ook mooi dorp is dat. Indeling in twee Bed en Breakfast’s en gezamenlijk eten in een lokaal restaurant.

Opstaan en voor één zelfs een ochtendtrimloopje door en rond de meer dan fraaie omgeving, waarna wij om elf uur werden verwacht in de Blair Athol Distillery. Ook hier werden wij met alle egards ontvangen en rondgeleid. Geweldig en hoe toepasselijk, hoe een paar jonge kerels met groot enthousiasme en deskundig op Pinksterochtend de geest hadden en ons het angels share lieten ruiken. Hier kwamen wij er ook achter wie nu eigenlijk de voorvader van onze eigen Pietje Bel is: Arthur Bell. Maar er waren nog veel meer whiskygerelateerde belangwekkende feiten. Blair Athol bleek een uiterst verzorgde distilleerderij en ook hun producten kregen, nadat we ze oraal gekeurd hadden, onze goedkeuring.

Na de lunch vertrokken wij naar de Edradour Distillery, verrassend hoog en sprookjesachtig gelegen. Bekijk de foto’s op de Edradour website en je begrijpt wat ik bedoel. Andrew Symington,  de eigenaar van Schotland’s  kleinste distilleerderij, heeft letterlijk en figuurlijk een plaatje van zijn nieuwe property weten te maken. Eén van de bestuursleden kreeg nog verkering met een van Andrew’s personeelsleden, maar die was op een dermate leeftijd dat ze het na 12 minuten al weer was vergeten. Karel bewees zijn overtuigingskracht toen we aan het einde directeur Andrew heel gewillig naast hem zagen voortzeulen met een steekkarretje vol ‘souvenirs’.

Met een flink deel van de groep besloten we terug door het bos te wandelen, via Athol Castle. Met zijn allen hebben we hierna flink uitgerust in de hete Schotse zon in de tuin van Buttonboss Lodge. ’s Avonds kreeg een Ben Nevis lid verkering bij het afrekenen van een paar glazen bier, maar ook dit was geen lange tijd beschoren, toen de rest van het gezelschap hem overhaalde om mee te gaan eten.

De opnieuw enthousiast stralende Schotse zon zorgde ervoor dat wij allemaal maandagochtend om acht uur al weer werden verwend in onze twee B&B’s. Karel hield om 9.00 uur appel en we vertrokken naar Glenkinchie Distillery, nèt voorbij Edinburgh in een James Herriot-achtig landschap. De reistijd bleek ook nu precies even veel als begroot: twee uur.

Wederom werden wij met alle egards ontvangen. Deze keer kregen wij een rondtour onder vrouwelijke leiding. De dames wisten ons niet alleen te bekoren door hun deskundigheid, maar ook door wat ze vertelden en natuurlijk: doordat ze ons betrokken in het keuren van de producten van deze Lowland distillery. Een flink aantal van ons kochten net als bij de vorige distilleerderijen nog even wat ‘souvenirs’ en toen was het in de nog altijd heersende warmte toch nog een flink eind naar de boot. Ondanks een omleiding wegens een ongeluk arriveerden we precies op tijd  bij Newcastle. Op de boot kan je lekker eten, wat in kleine(re) groepjes werd gedaan. Het initiatief van één van de dames om het restje van haar fles in een van de vrije ruimtes op te maken, leidde al snel tot aansluiting, aanschaf in de shop, nog meer aansluiting, nog meer aanschaf en een erg gezellige avond. Omdat het na twaalven geen maandag meer was maar dinsdag, gingen we maar slapen.

Wat was het bij aankomst dinsdagochtend  in IJmuiden fris, na dat heerlijke Schotse klimaat. Bij het verlaten van de boot viel onze unieke groep na een hartelijk afscheid uiteen omdat ieder zijn of haar weg ging. Sommigen om te werken, sommigen om te verwerken en allen om na te genieten.  What an experience! Karel, Rob, chauffeurs, distilleries, heel erg bedankt.

Wanneer gaan we weer? Peter Winkel

Comments are closed.